Social distancing

(Puppy) socialisatie in tijden van "social distancing"

 Nu hondenscholen door de coronacrisis noodgedwongen gesloten zijn staan kersverse hondeneigenaren voor een iets grotere uitdaging dan normaal. Nu je niet wekelijks met je hond naar de hondenschool kunt om onder toeziend oog van je instructeur te werken aan belangrijke zaken zoals opvoeding, training en socialisatie moet je als eigenaar actief op zoek naar de juiste informatie op het juiste moment. Ook komt je hond niet meer vanzelf elke week in contact met de andere puppies uit zijn klasje en op straat kijken mensen vertederd naar je hondje maar lopen vervolgens beleefd op 1.5 meter afstand voorbij. Hoe ga je je hond nu voldoende socialiseren in deze vreemde tijden? In dit artikel bespreken we het Wat, Waarom, Wanneer, Wie én Hoe van socialisatie en krijg je tips hoe dit alles toe te passen met inachtname van de corona-maatregelen. 

Wat is socialisatie? 

Met socialisatie bedoelen we het proces waarbij een pup leert op een sociale manier interactie te hebben met andere levende wezens. De pup maakt kennis met en leert de lichaamstaal begrijpen van zoveel mogelijk wezens die hij in zijn latere leven ook nog tegen zal komen, zodat hij er niet bang voor zal zijn en op een prettige manier mee om zal kunnen gaan. Een grote rol spelen hierbij natuurlijk mensen en andere honden, maar misschien heb je ook wel een kat of lopen er konijnen los in je woonkamer. 

Socialisatie is voor elke hond ontzettend belangrijk. Het bepaalt (samen met o.a. opvoeding) of hij een stabiele gelukkige hond kan worden. Een hond die niet goed gesocialiseerd is zal meestal angstig worden en angstige honden kunnen naast ongelukkig ook nog eens agressief worden. Maar het kan ook zijn dat een hond juist hinderlijk overenthousiast en onbehouwen wordt.

Het verschil tussen socialisatie en gewenning

Als hondeneigenaren het hebben over socialisatie van hun hond doelen ze eigenlijk vaak op het hele proces dat nodig is om een sociale en niet-angstige hond te krijgen. De hond moet niet alleen sociale interactie kunnen hebben met levende wezens maar ook leren dat hij er soms juist geen contact mee hoeft te maken. Daarnaast moet hij ook wennen levenloze dingen en geluiden! Het is belangrijk om te beseffen dat hier niet alleen socialisatie voor nodig is, maar ook een proces dat gewenning heet. Je dient aan beide aandacht te besteden, maar het verschil is:

Socialisatie doe je vooral aan wezens waarmee je hond geregeld echt fysiek contact zal hebben. Dit zijn voornamelijk mensen (want met mensen leeft hij samen, hij komt bij de dierenarts, een kind op straat rent ineens naar hem toe, je krijgt visite etcetera) en honden (je hond zal ze tegenkomen op allerlei plaatsen en ze zullen ook echt contact met hem zoeken). Je pup moet dus niet alleen leren dat andere mensen en honden bestaan en dat hij er niet bang voor hoeft te zijn maar hij moet ook leren hoe interacties met hen te hebben. Dit is anders bij gewenning.

Gewenning wordt ook wel habituatie genoemd. Om een stabiele en zelfverzekerde hond te krijgen is gewenning zeker van even groot belang als socialisatie maar het vergt van je hond geen sociale interacties. Het betekent simpelweg dat je hond moet wennen aan het bestaan van andere levende wezens, maar ook dingen en geluiden in zijn wereld. Zo leert hij er niet bang voor te zijn en deze gewoon te negeren. Zo zal je hond later niet schrikken van de aanblik een container of plotseling uitgeklapte paraplu, vuurwerk of het geluid van je föhn. Ook is het van belang dat hij ontspannen langs een veld met schapen of koeien kan lopen of een schoolplein met veel gillende en rennende kindertjes. In het geval van gewenning gaat het er dus vooral om angstgevoelens bij je hond te voorkomen, je hond hoeft geen interactie aan te gaan met de container, het schaap in de wei of de kinderen op het plein.

Het verwarrende is dat er soms overlap is. Die spelende kinderen op dat plein mogen kunnen gewoon ontspannen genegeerd worden (alleen gewenning vereist) maar op een ander moment wil een kind misschien je hond wel aaien en dat is WEL een sociale interactie (ook socialisatie vereist). Nog een voorbeeld: Als je een kat in huis hebt is het verstandig je hond te leren hoe hij er op een sociale manier mee om kan gaan: socialisatie dus. Maar als je zelf geen kat hebt is het voor jou misschien alleen van belang dat je hond niet uit zijn vel springt als hij een kat ziet op straat en leert deze vooral met rust te laten: alleen gewenning dus. Toch valt het wel aan te bevelen je hond ook te socialiseren aan katten. Wie weet wil je nog eens dat hij kan logeren bij iemand met katten. Dan is het wel handig dat je hond ook weet wat hij ermee moet en mag als de kat ook naar hem toekomt, op zijn kleedje ligt, naar hem mauwt of met zijn pootje op zijn neus mept. 

Het is niet erg als jij niet precies weet wanneer iets gewenning of socialisatie is, je moet voor nu weten dat beide bestaan, dat je aan beide aandacht moet besteden en ook in dezelfde levensfase, maar dat we het in dit artikel gaan over hebben socialisatie: Het leren op een sociale manier interacties aangaan met andere levende wezens dus! 

p.s. wat je zo gaat lezen over stresssignalen en hoe daarmee om te gaan komt wel ook van pas bij de gewenning/habituatie!

Socialisatie, wanneer? 

Als je hond 4 tot 12 weken oud is zit hij in zijn socialisatiefase. Dat is een ontwikkelingsfase van je pup waarin hij zijn wereldje gaat verkennen. Hij is extra nieuwsgierig en staat open om op ontdekking uit te gaan. Het is belangrijk dat je in deze periode dan ook echt voldoende aandacht besteed aan de socialisatie (en gewenning) want na deze periode gaat er in zijn hersentjes een denkbeeldig deurtje dicht en wordt het veel lastiger, zo niet onmogelijk om je hond nog volledig te socialiseren! 

Aangezien de socialisatiefase al rond 4 weken oud begint heeft een deel van de socialisatiefase al plaats gevonden bij de fokker. Je pup heeft natuurlijk al veel geleerd van zijn moeder en zijn broertjes en zusjes en misschien waren er nog andere dieren in het huishouden. Ook zullen er vaak andere gezinnen langs zijn geweest die bij het nest hebben gezeten en is de fokker enkele malen met de pups bij de dierenarts geweest. Echter, momenteel wordt om de spreiding van het coronavirus tegen te gaan aan mensen afgeraden om onnodig bezoek te krijgen dus hebben de pups misschien minder visite gehad. Ook kun je wat betreft socialisatie aan andere honden niet al te veel verwachten van de fokker omdat het niet veilig is om al te jonge pups bloot te stellen aan veel andere honden en de parasieten en ziektekiemen die ze bij zich kunnen dragen.

Op het moment dat jij je pup hebt mogen ophalen is hij alweer een week of acht. Hij heeft al een aantal vaccinaties gehad en hij kan wat meer doen op een dag, al zal hij nog wel het overgrote deel van de dag slapen. Je hoeft ook echt niet direct als je je pup hebt hele dagen andere honden en mensen op te zoeken. Rust is juist belangrijk om nieuwe informatie te verwerken en op te laden voor de volgende kennismaking. Je moet dus een evenwicht vinden tussen dingen ondernemen met je pup en rust geven en dat is voor elke hond verschillend. 

Na de socialisatieperiode, vanaf ongeveer 12 weken breekt de zogenaamde angstfase aan, waarin je hond terughoudender wordt en zich minder makkelijk kan herpakken na een schrikreactie. In deze fase moet je doorgaan met werken aan socialisatie, maar moet je het extra voorzichtig aan doen omdat je hond snel trauma's op kan doen. 

Ondanks dat de socialisatiefase eigenlijk de belangrijkste fase in het leven van de hond is en je vooral hierin moet werken aan socialisatie, ben je daarna dus niet klaar. Als je je hond tot 12 weken goed socialiseert, maar hij komt daarna een lange periode sociaal contact tekort (bijvoorbeeld door voorgeschreven benchrust na een operatie) kan désocialisatie optreden. Echter, als je voor die 12 weken de basis goed hebt gelegd is de schade meestal snel hersteld. Honden die in de socialisatiefase ernstig tekort zijn gekomen daarentegen, kunnen dit later niet meer inhalen omdat de hersenen er niet meer op dezelfde manier open voor staan. 

Socialisatie, aan wie? 

Voor goede socialisatie moet je hond dus herhaaldelijk oefenen op sociale interacties met andere levende wezens. Als baasje moet je dit begeleiden en erop toezien dat het contact voor alle partijen prettig is. Het mag voor je pup geen nare ervaring zijn, want dan zal hij er juist angstiger van worden, maar jouw pup mag ook geen nare ervaring voor de ander zijn, want dan is hij kennelijk juist geen leuk sociaal gedrag aan het leren. Als ik het heb over "de ander" kan dat zowel een mens als een hond of een ander dier zijn, maar omdat mensen en honden de twee belangrijkste groepen zijn duiken we daar even apart in: 

 Socialisatie aan mensen

Natuurlijk heeft je hond al een aantal mensen leren kennen in zijn leventje, en als hij die mensen kon vertrouwen zal hij des te makkelijker openstaan voor nieuwe mensen. Zorg dat hij kennis kan maken aan een verscheidenheid van mensen in allerlei verschillende situaties. Denk bijvoorbeeld aan: 

  • Verschillende geslachten: Mannen worden daarbij vaak wat intimiderender gevonden dan vrouwen.  
  • Verschillende leeftijden: Een peuter/kleuter is voor een hond een heel ander ding dan een volwassene. Ze zijn soms bijna op ooghoogte en bewegen onvoorspelbaar en onbehouwen. Je zult zowel de pup als de kleuter moeten begeleiden bij de ontmoeting. En sociaal of niet, laat je hond nooit alleen met een jong kind, ook later niet. Een kind kan een hond per ongeluk pijn doen en je hond, hoe lief ook, zou van schrik kunnen happen. 
  • Verschillende huidskleuren: Honden herkennen zichzelf niet in de spiegel en zijn zich niet eens bewust van hun eigen ras, dus discriminerend kunnen we ze niet noemen. Echter, als jouw gezin bestaat uit lichte mensen en je hond als pup nooit kennis heeft gemaakt met een donker persoon kan het zijn dat hij later niet weet hoe hij daarop moet reageren en dat kan best gênant zijn. 
  • Verschillende kleding en attributen: Honden kunnen schrikken van mensen in kleding of met attributen die ze niet herkennen. Denk aan hoeden, gezichtsbedekkende kleding en bepaalde opvallende uniformen maar ook jijzelf als je een paraplu bij je hebt, iemand op een skateboard of een gemeentewerker met een bladblazer.
  • Veel honden zijn meer op hun hoede in de schemer/donker. Zorg dus ook eens voor een prettige ontmoeting tijdens een avondwandeling. 

Dit is slechts een lijstje met voorbeelden en nu zul je wel denken dat je flink aan de bak moet. Dat is tot op bepaalde hoogte ook zo maar je kunt nooit alles meepakken wat je hond in zijn leven tegen gaat komen. Geen paniek! Als veruit de meeste ontmoetingen goed gaan wordt je hond zelfverzekerd en is de kans groot dat hij onbekende situaties ook het voordeel van de twijfel gunt. Ga dus voor kwaliteit boven kwantiteit! Bovendien hoeft niet elke ontmoeting uitgebreid te zijn. Even mogen stilstaan om iemand te bekijken/snuffelen is vaak ook voldoende. 

Socialisatie aan andere honden

Vanuit het nest heeft je pup hopelijk al een goede basis meegekregen. Hij heeft natuurlijk al wat hondenmanieren geoefend en gespeeld met zijn nestgenootjes. Hopelijk weet hij ook al een beetje welk gedrag wel en niet gewaardeerd wordt door andere honden. Toch is dit nog maar een beginnetje. Net als bij mensen moet je hond ook een diversiteit aan verschillende honden ontmoeten; 

  • Verschillende rassen hebben verschillende uiterlijke kenmerken. Je pup moet van al die honden de lichaamstaal leren lezen en dat is soms best lastig. Honden communiceren veel met hun blik, de stand van de oren en de staart maar een Franse buldog heeft bijvoorbeeld niet echt een staart. Ook hebben sommige honden zulk lang haar dat je hun ogen en oren niet kunt zien. 
  • Verschillende groottes; dit is natuurlijk verwant aan het ras. Puppies van grotere rassen zijn vaak te wild om echt te laten spelen met kleine hondjes. Het is belangrijk dat we wel rustig (eventueel aangelijnd) kennis mogen maken maar laat ze niet stoeien. Dat bespaart die teckel een hernia en jou een vette dierenartsrekening. 
  • Verschillende leeftijden; spelen met andere puppies is natuurlijk leuk, maar je kunt je voorstellen dat hij niet zo makkelijk spelregels leert van iemand die ze ook nog niet zo goed kent. Het is daarom belangrijk dat je pup ook juist met volwassen honden laat spelen. Kies wel honden uit die vriendelijk zijn en niet te hard corrigeren naar je pup. Sommige volwassen honden zijn helemaal niet gediend van pups en kunnen lelijk uitvallen. Probeer te voorkomen dat je pup dat soort nare ervaringen opdoet. Hoe je dat doet, lees je hierna.

 

Socialisatie aan andere honden is voor veel baasjes wat uitdagender om goed te begeleiden. Dat is ook logisch want je hebt er veel minder controle over. Jij spreekt immers de taal van de honden niet en je kunt ook niet altijd beïnvloeden wat de andere hond doet. Echter, als je goed naar je hond kijkt en alleen al let op de signalen die we eerder besproken zal je hem steeds beter begrijpen. 

In het kader van sociaal gedrag is er ook nog één belangrijke regel voor jou als hondenbezitter: laat jouw hond, of hij nu los of aangelijnd is, niet op een andere aangelijnde hond afgaan. Tenzij het baasje aangeeft dat het geen probleem is en de andere hond er ook mee op zijn gemak lijkt. Honden zitten vaak niet voor niks aan de lijn. Ze mogen bijvoorbeeld niet in contact komen met andere honden omdat ze agressief kunnen zijn, een besmettelijke ziekte kunnen hebben of een blessure. Het is dus in ieder zijn belang om je aan deze sociale regel te houden. 

 

Socialisatie, hoe? 

Hoe voorzichtig je elk contact tot stand moet brengen en hoe vaak je dit moet doen om een sociale hond te krijgen en te houden heb je niet helemaal zelf in handen. Het is afhankelijk van veel factoren, waaronder het ras van je hond, zijn individuele karakter en wat hij al mee heeft gemaakt in zijn leventje. Wolfshonden zijn bijvoorbeeld van nature schuchter terwijl labradors vaak juist heel onbevangen van karakter zijn. Echter, je kunt ook net een supervoorzichtige labrador treffen of eentje met een trauma door een bijtincident. Kijk dus goed naar jouw hond en wat hij nodig heeft! 

Stress-signalen

Een nieuwe kennismaking kan en mag best een klein beetje spannend zijn, maar meer dan dat mag het niet worden. De meeste pups zullen (zeker in hun socialisatieperiode) vooral nieuwsgierig en enthousiast zijn en maar af en toe wat angstig of terughoudend zijn. Hoe spannend je hond iets vindt kun je zien aan zijn lichaamstaal en die zul je nog een beetje moeten leren kennen. Naast de duidelijke signalen zoals wegkruipen/-rennen en ineenkrimpen zijn er een aantal subtielere tekenen dat je hond gestrest is. Hier volgt een rijtje van stressignalen op volgorde van heftigheid (ongeveer):

  1. Wegkijken en heel druk ergens anders gaan snuffelen. Hij geeft aan dat hij zich nergens mee wil bemoeien.
  2. Gapen. Honden gapen ook als ze suf zijn maar als je met je hond buitenshuis een activiteit aan het doen bent duidt gapen vaak op verhoogde stress. 
  3. Bek-aflikken. Let er maar eens op als je andere hond op straat je tegemoet komt. Regelmatig zul je die andere hond even met het puntje van zijn tong over zijn neus zien gaan. Dat komt omdat veel honden het spannend vinden om recht op een andere hond af te lopen, zeker als ze aangelijnd zijn. 
  4. Blaffend heen en weer springen. Als iemand je pup benadert en hij begint van voor naar achter te springen weet hij waarschijnlijk niet of hij bang of blij moet zijn. 
  5. Opstaand rughaar. Dit noemen we borstelen en het is eigenlijk een sein van opwinding. Het hoeft niet altijd gepaard te gaan met angst maar het kan wel.
  6. Geen voer meer aan willen nemen.
  7. Ineenkrimpen, vaak met weggedraaide kop en soms met een plasje laten lopen. Je hond stelt zich heel onderdanig op om problemen met de ander te voorkomen. 
  8. Tegen je op proberen te klimmen om in veiligheid te komen.
  9. Agressie tonen: tandjes laten zien en neus rimpelen.

De eerste 5 signalen zijn niet heel heftig maar als je hond er veel van doet of ze steeds herhaalt moet je wellicht wat rustiger aan met hem doen. De laatste 3 signalen zijn minder subtiel en mag je niet negeren. Je moet nieuwe ontmoetingen makkelijker maken voor je pup. Dat kun je op een aantal manieren doen zoals: 

  • Probeer ervoor te zorgen dat je pup op zijn eigen tempo kennis kan gaan maken, zonder dat de ander naar hem toekomt. Laat de pup zelf bekijken of hij dichterbij wil. Dit kun je doen door juist niet naar mensen/honden toelopen maar juist op afstand achter ze te gaan wandelen. Zo is de ander niet op jullie gericht en je pup zet wel tempo bij als hij dichterbij wil gaan. 
  • Als de ander je pup negeert, dus niet aankijkt of benadert helpt dat ook. Een mens kan zich verder klein maken door te gaan zitten. Een andere hond kan door zijn baasje even afleid worden zodat hij zich niet op jouw hond richt. 
  • Als honden aangelijnd zijn voelen ze zich vaak onveiliger. Dat komt doordat ze niet stil kunnen blijven staan wanneer ze willen en niet te ruimte kunnen nemen die ze nodig hebben. Het is daarom vaak fijner voor je hond om los te zijn, maar dan moet je wel op een veilige plek zijn, dus niet net naast het fietspad. Als je hond toch aan de lijn is, probeer dan te zorgen dat de lijn niet onder spanning komt te staan en niet in de klit raakt met die van een andere hond.
  • Sta je hond toe achter jou te schuilen en probeer ervoor te zorgen dat de ander (mens of hond) hem meer ruimte geeft als hij dat doet. 
  • Als het nodig is omdat bijvoorbeeld een andere hond niet weg gaat, kun je je pup ook even op je arm nemen en weglopen. Als een andere hond jullie dan nog lastig blijft vallen kun je nog een hand brokjes op de grond gooien zodat je niet gevolgd wordt, maar doe dat pas als je je pup veilig op je arm hebt om te voorkomen dat je pup juist een snauw krijgt omdat hij ook de brokjes wil pakken. 

Als je deze aanwijzingen opvolgt zal je pup waarschijnlijk steeds een beetje meer vertrouwen erin krijgen dat hij de wereld aankan en dat jij hem anders helpt. Vroeger dachten mensen dat je je hond niet mocht steunen als hij iets spannend vindt. Nu weten we gelukkig wel beter! Als je zelf bang bent kun je ook beter met wat hulp en ondersteuning leren dat iets niet eng is, dan doe je vertrouwen op en durf je vanzelf in je eentje ook meer. Laat je een angstige hond echter alles zelf maar uitzoeken, loop je kans dat hij alleen maar leert zelf anderen op afstand te houden door snauwen en bijten. 

De wildebras:

De meeste issues liggen zoals je aan de opbouw van dit artikel kunt raden bij het voorkomen en wegnemen van angstigheid. Echter, niet alleen overmatige voorzichtigheid maar ook overmatige lompheid is sociaal onaangepast gedrag. Hondenprofessionals noemen deze wildebrasjes dan ook niet voor niks wel eens "Tarzannetjes". Dit kun je er om te beginnen aan doen: 

Pups zijn gewend hun tandjes te gebruiken bij spel met andere honden. Daarom doen ze dat ook bij mensen en zijn ze zich niet bewust van het feit dat onze huid veel dunner en gevoeliger is. Als je pup te bijterig is kun je hem corrigeren door "au" te zeggen en hem even geen aandacht meer te geven. Zo leert hij tot hij hoeveel bijtkracht hij kan gebruiken op mensen. Probeer andere mensen ook te instrueren dit te doen. 

Ook naar andere honden kunnen puppies te lomp en wild zijn. Er zijn een paar dingen waaraan je zou kunnen zien dat je hond te wild is, zoals: zijn rugharen kunnen overeind gaan staan, er wordt hard en voortdurend gegromd, het spel gaat niet mooi gelijk op, je hond staat meer dan 5 seconden over de andere heen zonder hem op te laten staan, de andere hond probeert zich te verschuilen etc. Als je dit ziet, haal je hond dan rustig bij je voor een time-out. Dit is geen straf maar een moment om de opwinding te laten zakken.

Hoe combineer je dit alles met "social distancing"?

Om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan doen we aan "social distancing". We proberen daarmee te voorkomen dat het virus overgedragen kan worden via de lucht of via oppervlaktes die je aanraakt. Dat maakt het socialiseren van je hond wel een vak apart! Je kunt immers niet meer gemakkelijk op visite gaan of visite ontvangen en ook buiten houden we afstand van elkaar. Deze maatregelen zijn helaas hard nodig. Echter, zoals je nu weet kun je de socialisatie van je hond niet uitstellen en als je een paar dingen in acht neemt, kun je je hond toch op een verantwoorde manier nieuwe mensen en honden laten ontmoeten. 

Honden moeten nog steeds uitgelaten worden en gelukkig doen mensen dat ook. Als je dus naar een uitlaatplek bij je huis gaat, zoals een bos of park kom je daar vast andere mensen en honden tegen. Honden mogen ook gewoon met elkaar kennis maken en spelen. Neem alleen het volgende in acht: 

  • Zorg dat je als baasjes 1,5 meter afstand van elkaar houdt! Met een pup kan dat lastig zijn, want misschien gaat hij wel naar een ander persoon toe en wil hij niet uit zichzelf terugkomen, waardoor jij toch binnen die ander zijn 1,5 meter moet komen om hem te gaan halen. Als dit vaker voorkomt kun je je pup eventueel aan een lange lijn houden (liever geen uitrollijn, want deze hebben vaak een dun touw of scherp lint), zodat je hem altijd voorzichtig terug kunt hengelen. Nog beter is het natuurlijk om extra vaak te oefenen op het hier komen op commando en extra lekkere beloningen bij je te hebben! Knappe pup die het gerammel van een blikje met brokjes en kaasjes en worstjes kan weerstaan!
  • Het is niet uit te sluiten dat honden corona kunnen krijgen maar dit is nog bij geen één hond vastgesteld. Er was slechts een hond in Hong Kong die het virus op zijn snuit had, maar zelf niet besmet bleek. Voor de zekerheid moet je zorgen dat als iemand binnen jouw huishouden corona-achtige klachten heeft, jij niet naar buiten gaat en je hond ook even geen contact maakt met andere mensen en honden. Als iemand binnen je huishouden namelijk corona heeft kan het virus ook op je hond zijn vacht zitten en zo belanden op andere plekken zoals op de handen van andere mensen.
  • Doordat het coronavirus dus eventjes kan blijven leven op de vacht van je hond moet je een beetje kieskeurig zijn met wie hem aait. Voor de socialisatie is het natuurlijk fijn als hij fysiek contact kan maken met andere mensen maar zorg dan wel dat het gezonde mensen zijn. 
  • Ook zijn de handen en het gezicht een groter risico dan bijvoorbeeld de kleding en benen. Je kan je pup dus ook contact laten maken door iemand met hem te laten spelen met een lang speeltje wat ze ieder aan hun eigen kant vasthouden of pup kan aan de benen snuffelen ipv geaaid worden. 
  • Vraag mensen hun handen te wassen voor ze je hond gaan aaien en nadat ze dat gedaan hebben. Het is echt geen goed idee om je hond ineens vaak te gaan wassen. Dat is heel slecht voor zijn vacht. 
  • Zet bewust ontmoetingen op met mensen aan wie je vooraf kunt vragen of zij klachten hebben en kunt bespreken wat je wel en niet wilt. Dit kunnen bekenden van je zijn, misschien wel mensen met wie je toch al in contact bent, zoals iemand met wie je toch noodgedwongen nog samenwerkt of de buurkindertjes waarmee jouw kinderen als enige misschien nog mogen spelen. Ook zijn er apps zoals Doggydating waarmee je andere hondeneigenaren kunt ontmoeten en van tevoren kunt vragen rekening te houden met de maatregelen. 

Ook in deze gekke tijd kun je je hond dus echt wel prima socialiseren! Het gaat niet ineens heel anders in zijn werk, maar je moet er wel wat bewuster over nadenken en het vergt soms wat creativiteit en discipline. Dat zijn echter eigenschappen waar je toch nog veel aan zult hebben bij de gehele opvoeding van jouw hond, dus oefen ze vooral! Net als een flinke dosis humor. 

In dit uitgebreide artikel hebben we aardig wat situaties besproken, maar het is natuurlijk geen allesomvattende handleiding. Heb je dus toch nog vragen, schroom dan niet om ze te stellen. Dat kan bijvoorbeeld via de Facebookpagina ‘KC Delft thuistraining puppy’, die speciaal opgezet is om je op minimaal 1,5 meter afstand te begeleiden! 

Veel succes en plezier met je hond! 

Janneke van Gemert,

Instructeur bij KC Delft